Uit: Besluit op de lijkbezorging

Besluit van 4 december 1997, houdende voorschriften ter uitvoering van de Wet op de lijkbezorging
Laatste wijziging van kracht sinds 1 januari 2013.
.....................................................................
Voordat u deze verklaring afgeeft: Opmerkingen van de FOMAT:
Sinds 1 januari 2010 mag de behandelend arts bij minderjarigen geen verklaring van overlijden meer afgeven zonder overleg met de gemeentelijk lijkschouwer. Het verdient aanbeveling hierover ook een aantekening in het medisch dossier op te nemen. Bij een 'verzuim' zal de gemeenteambtenaar geen Verlof tot begraving/crematie kunnen/mogen afgeven en een (onvolledige) verklaring dus niet als rechtsgeldig document accepteren.....
In de wet is ook een strafbepaling opgenomen voor artsen die niet voldoen aan de verplichting om in alle gevallen bij overlijden en doodgeboorte de doodsoorzaak bij het CBS te melden. Die strafbepaling geldt sinds 1 maart 2011 ook voor de gemeentelijk lijkschouwer.
Wie A(verklaring) zegt moet ook B(verklaring) zeggen......
In artikel 7, eerste lid, van de Wlb. wordt overigens niet gesproken van 'behandelend arts' maar van 'hij die de schouwing heeft verricht'.
Zie hierover: Inspectie (IGZ) in 2004: 'Behandelend arts' in de Wet op de lijkbezorging

Tot slot:
Er bestaan dus twee soorten van deze verklaring van overlijden (voorheen ook wel A-verklaring genoemd), de eerste voor de behandelend arts en de tweede (BIJLAGE II) voor de gemeentelijk lijkschouwer.
.......................................................................

BIJLAGE I.


Model van verklaring van overlijden, af te geven door de behandelende arts

De ondergetekende,  

arts te  

v e r k l a a r t te zijn behandelend arts van

                                                                          (naam en voornamen voluit)

geboren op                                                te

---------------------------------------------------------------------------------

gewoond hebbende te

overleden op                                             te

----------------------------------------------------------------------------------

wonende te

uit wie op te

een zoon/dochter** dood is geboren;

---------------------------------------------------------------------------------

v e r k l a a r t  het lijk persoonlijk te hebben geschouwd;

indien de overledene minderjarig is op het tijdstip van overlijden,
v e r k l a a r t overleg te hebben gehad met de gemeentelijke lijkschouwer;

datum van overleg: ...................

naam gemeentelijke lijkschouwer: ...................

v e r k l a a r t  er van overtuigd te zijn, dat de dood ten gevolge van een natuurlijke oorzaak is ingetreden.

(datum)

(ondertekening)


  *   Doorhalen wat niet van toepassing is
**   Invullen zoon of dochter

Krachtens artikel 6, tweede lid, Wet op de lijkbezorging is het de behandelend arts niet toegestaan als lijkschouwer op te treden, indien tussen hem en de overledene of de moeder van de doodgeborene bloed- of aanverwantschap tot in de derde graad of huwelijk bestond of bestaat.


---------------------------------------------------------------------------------

BIJLAGE II.


Model van de verklaring van overlijden, af te geven door de gemeentelijke lijkschouwer

De ondergetekende

lijkschouwer der gemeente

v e r k l a a r t gedurende de laatste twee jaar geen handelingen op het gebied van de geneeskunst te hebben verricht ten aanzien van

                                                                          (naam en voornamen voluit)

 

geboren op                                               te

---------------------------------------------------------------------------------

gewoond hebbende te

overleden op                                            te

----------------------------------------------------------------------------------

wonende te

uit wie op te

een zoon/dochter** dood is geboren;

---------------------------------------------------------------------------------

v e r k l a a r t  het lijk persoonlijk te hebben geschouwd;

v e r k l a a r t  er van overtuigd te zijn, dat de dood ten gevolge van een natuurlijke oorzaak is ingetreden.


Opmerking FOMAT:
Sinds 1 oktober 2012 bij minderjarigen:
"Er was sprake van een natuurlijk overlijden, maar de doodsoorzaak blijft onbekend. In die gevallen geeft de NODO-forensisch arts een verklaring van overlijden af met de aantekening dat de NODO-procedure heeft plaatsgevonden."
(Bron: Factsheet NODO-procedure (pdf))

Dit is een onjuiste gang van zaken (!)
Op deze A-verklaring, bestemd (en zichtbaar) voor de ambtenaar van de burgerlijke stand in de gemeente van overlijden, horen géén vermeldingen over de doodsoorzaak opgenomen te worden.
Een dergelijke vermelding behoort aangegeven te worden op de (anonieme) B-verklaring.
Het betreft de ICD-10 code R69 (Onbekende en niet gespecificeerde oorzaken van ziekte).

(datum)

(ondertekening)

  *   Doorhalen wat niet van toepassing is
**   Invullen zoon of dochter

Krachtens artikel 6, eerste lid, Wet op de lijkbezorging is het de gemeentelijke lijkschouwer niet toegestaan als zodanig op te treden, indien hij gedurende de laatste twee jaar ten aanzien van de overledene of aan de moeder van de doodgeborene handelingen op het gebied van de geneeskunst heeft verricht en indien tussen deze en hem bloed- of aanverwantschap tot in de derde graad of huwelijk bestond of bestaat.




Terug naar begin van deze pagina